Ad Hoc Vraag over de verwijdering van derdelanders van nationale lijsten van personen met een toegangsverbod na een huwelijk met een EU-burger
Deze ad hoc vraag onderzoekt of derdelanders die onderworpen zijn aan een nationaal inreisverbod of zijn opgenomen op een zogenaamde “Stop List”, van deze lijsten worden verwijderd wanneer zij huwen met een EU-burger. Daarnaast brengt de ad hoc vraag de specifieke procedures, vereiste documenten en beoordelingscriteria in kaart die EMN-leden gebruiken om echte relaties te onderscheiden van schijnhuwelijken.
Achtergrond:
De afgelopen jaren stelde het Migration Department in Cyprus een terugkerend patroon vast waarbij Cypriotische en andere EU-burgers in het buitenland huwen met derdelanders die eerder waren aangemerkt als “Prohibited Migrants” en waren opgenomen op de nationale lijst van personen met een toegangsverbod. Na deze huwelijken keren de burgers terug naar Cyprus en vragen zij om de gegevens van hun echtgenoot of echtgenote van de lijst te verwijderen, zodat deze opnieuw het land kan binnenkomen en er kan verblijven. Cyprus lanceerde deze ad hoc vraag om na te gaan hoe andere EMN-leden met gelijkaardige situaties omgaan.
Respondenten:
21 EMN-leden, waaronder BE, hebben een openbaar antwoord op deze ad hoc vraag gegeven.
Bevindingen:
Een voorlopige analyse van de resultaten van de ad hoc vraag toont het volgende aan:
- De overgrote meerderheid van de responderende EMN-leden verwijdert een derdelander niet automatisch van een lijst met inreisverboden louter op basis van een huwelijk met een EU-burger. AT, BE, BG, HR, CY, CZ, EE, EL, HU, IE, LV, LT, NL, PL, SK en ES bevestigden dat een huwelijk niet leidt tot een onmiddellijke of automatische uitzondering op een eerder opgelegd inreisverbod. In IE zijn inreisverboden van onbepaalde duur en kunnen zij doorgaans alleen worden aangepakt door het onderliggende uitzettingsbevel in te trekken.
- De opheffing van een inreisverbod is meestal onderworpen aan een individuele beoordeling en administratieve beoordelingsruimte. In DE, SI en SE laat de nationale wetgeving uitdrukkelijk toe om een inreisverbod op aanvraag en na beoordeling op te heffen of te verkorten. In IT zal de dienst die de verblijfsvergunning aflevert ook het inreisverbod intrekken wanneer een persoon een verblijfsvergunning verkrijgt op basis van zijn of haar band met een EU-burger, op voorwaarde dat het inreisverbod door IT werd ingevoerd. Veel andere landen, zoals AT, BE, HR, CZ, EL, HU, LV en LT, laten de opheffing van een inreisverbod toe op basis van ruimere wettelijke bepalingen, bijvoorbeeld om humanitaire redenen, wegens gewijzigde omstandigheden of naar aanleiding van de toekenning van een verblijfsvergunning op basis van het recht op gezinsleven.
- De belangrijkste criteria voor de opheffing van een inreisverbod hebben betrekking op de afweging tussen redenen van openbare orde, het recht op gezinsleven en de echtheid van het huwelijk. EMN-leden, waaronder AT, BE, BG, HR, CY, CZ, EE, DE, EL, HU, IT, LT, LV, LU, NL en SE, voeren individuele beoordelingen uit om na te gaan of een relatie echt en duurzaam is. De autoriteiten houden daarbij rekening met de ernst van de oorspronkelijke redenen voor het inreisverbod, het gedrag van de betrokkene en de vraag of hij of zij een “werkelijke, actuele en voldoende ernstige bedreiging” vormt voor de openbare veiligheid.
- Verschillende EMN-leden hebben trends vastgesteld die vergelijkbaar zijn met de situatie die CY beschrijft, waarbij huwelijksregels mogelijk worden misbruikt. BE, DE, EL en ES meldden gevallen van huwelijken of feitelijke partnerschappen die werden aangegaan met het frauduleuze doel om inreisverboden of SIS-signaleringen te omzeilen. Deze landen namen daarom maatregelen zoals een strengere controle van documenten, persoonlijke interviews en nauwere samenwerking tussen politie, burgerlijke stand en consulaire autoriteiten om schijnhuwelijken op te sporen.
- De documentatievereisten zijn strikt om de wettigheid van de verbintenis te waarborgen. Aanvragers moeten doorgaans gelegaliseerde huwelijksakten, bewijs van het EU-burgerschap van de echtgenoot of echtgenote, uittreksels uit het strafregister en bewijs van voldoende financiële middelen en huisvesting voorleggen.
Voor meer informatie kunt u de compilatie van antwoorden hierboven raadplegen.