Ad Hoc Vraag over verblijfstitels voor zeelui en piloten

Deze ad hoc vraag onderzoekt de voorwaarden met betrekking tot verblijfs- en werkvergunningen voor zeelui, piloten en ander boordpersoneel. Er wordt geïnformeerd naar specifieke voorwaarden en er wordt beoordeeld in welke mate verschillende regels van toepassing zijn voor vaartuigen die geregistreerd staan in EU/EER-landen, in tegenstelling tot vaartuigen die geregistreerd staan in derde landen.

Achtergrond: 

Het Noorse Ministerie van Arbeid en Sociale Inclusie overweegt momenteel wetswijzigingen met betrekking tot derdelanders die in Noorwegen verblijven voor werkdoeleinden. Dit omvat bijvoorbeeld zeelui wiens verblijf in Noorwegen direct gekoppeld is aan hun dienstverband.

Noorwegen is geïnteresseerd in de vraag of andere landen verschillende eisen stellen aan onderdanen van derde landen die werken aan boord van schepen of vliegtuigen die geregistreerd staan in de Europese Economische Ruimte (EER), vergeleken met zij die werken op schepen of vliegtuigen die geregistreerd staan in derde landen. Binnen de EER is het vrij verkeer van diensten ook van toepassing op maritieme diensten. Het is onduidelijk of dezelfde voorwaarden kunnen worden gesteld als aan vaartuigen uit derde landen, of dat er soepelere regels moeten gelden voor onderdanen van derde landen die op in de EER geregistreerde vaartuigen werken.

Respondenten:  

23 EMN-leden en waarnemende landen (waaronder BE) hebben een publiek antwoord op deze vraag verstrekt.

Bevindingen:  

Een voorlopige analyse van de antwoorden op de ad hoc vraag toont o.a. het volgende aan:

  • Voorwaarden voor verblijfs- en/of werkvergunningen voor zeelui en andere bemanningsleden verschillen per land en zijn afhankelijk van diverse factoren. Terwijl sommige landen geen vergunningsplicht kennen (bijv. AT, UA), geven andere landen aan dat deze vereisten kunnen afhangen van een combinatie van factoren, zoals: de vlag waaronder het schip vaart (bijv. HR, EE, FR, ES), de duur van het verblijf en/of het type werk dat wordt uitgevoerd (bijv. BE, FI, IT, NL, NO).
     

  • Meerdere EMN-leden en waarnemende landen (bijv. BE, FI, LT, NL, PL, SI, SK) die aangeven dat derdelanders die aan boord van zeeschepen werken (onder bepaalde omstandigheden) een verblijfs- en/of werkvergunning moeten hebben, melden dat deze vereisten gelden ongeacht of het vaartuig geregistreerd staat in de EU/EER of in een derde land. Sommige respondenten merken echter op dat er afwijkende eisen gelden voor vaartuigen die in hun eigen land geregistreerd staan.
     

  • Verschillende EMN-leden en waarnemende landen (bijv. BE, BU, ES, FI, SE) geven aan dat zij van piloten en boordpersoneel eisen dat zij een verblijfs- en/of werkvergunning hebben indien zij in totaal langer dan 90 dagen per jaar op hun grondgebied verblijven.

Meer informatie vindt u in de bijgevoegde compilatie van antwoorden.

Publication Date:
zo 05 apr 2026
Geografie:
Hoofdthema:
Publicatietype:
Opdrachtgever:
Trefwoorden: